Nieuwsflits

Meld u hier aan voor de Nieuwsflits van Stichting Presentie

Filosofie
Inhoudsopgave
Nadere Introductie Presentiefilosofie
2 Een ruimer beeld
3 Aansluiten bij een basaal verlangen
4 Aansluiten bij het alledaagse
5 Andere presentiebeoefenaren
6 Verder lezen
Alle Pagina's

 

5 Andere presentiebeoefenaren

Ik ben bepaald niet de uitvinder van de presentiebenadering, al is ze in mijn boek naar haar variatie, methodiek, houdingsaspecten, theoretische fundering, grondslagen en professionele competenties systematisch uitgewerkt en verdiept. Is dat eenmaal gebeurd en heeft men zodoende een helder beeld voor ogen gekregen, dan valt op hoezeer er ook anderen zijn die een soortgelijke benadering voorstaan en praktiseren. Ze doen dat in eenzelfde radicaliteit maar veel vaker juist iets meer afgezwakt, al was het maar omdat pastores in achterstandsbuurten meer institutionele vrijheid genieten en daardoor gemakkelijker hun gang kunnen gaan. We vinden deze verwante zielen in het gewone pastoraat en het diaconale werk, in ziekenhuizen en gevangenissen, maar ook in het opbouwwerk, in de jeugdhulpverlening, de kinderbescherming en voogdij, in de humanistiek, in de GGZ, psychiatrie en de rehabilitatiebeweging, in het maatschappelijk werk, de verpleging, in home based care projecten voor HIV/AIDS-patiënten en bijvoorbeeld in het speeltuinwerk en de maatschappelijke opvang. De presentietheorie wordt de laatste jaren in dit brede spectrum van werksoorten besproken, bestudeerd, onderzocht en inmiddels ook toegepast. Behalve onder beroepskrachten vinden we presentiebeoefenaren onder vrijwilligers, als buddy's, maatjes, vrienden(dienst), weekendpleegouders, gevangenisbezoekers et cetera.
En steeds weer zien we dezelfde soort kenmerken: er-zijn-voor de ander, alles draait om de goede en nabije relatie (veel meer dan om het koste-wat-kost wegpoetsen van problemen), om zorg, om de waardigheid van de ander, om de basale act van erkennen zodat de ander - hoe gek, hoe anders ook - voluit in tel is, om wederzijdsheid (van hartelijkheid tot strijd), om alledaagse werkvormen, om verhalen, om nauwgezette afstemming op de leefwereld, om de wil de ander uit te graven, het beste van zijn of haar mogelijkheden waar te laten worden en niemand ooit af te schrijven (ook als zo ongeveer alles aan hem of haar niet meer deugen wil), om een soort voorzichtige traagheid en een zogeheten 'latende modus' van werken die ruimte geeft aan wat zich niet maken of afdwingen laat.
Als we spreken over presentiebeoefenaren, hebben we het over een marginale beweging en een uiterst kwetsbare groep. De hoofdstroom in de sector zorg, welzijn, pastoraat en dienstverlening heeft over het algemeen nog weinig boodschap aan deze aanpak. Bovendien wemelt het van de misverstan-den, als zou presentie zoiets zijn als empathie, onpolitiek geklef, als passiviteit, als het simpele gedoe van een goede buur, et cetera. Als zou de presentiebeoefening de core business van pastoraat, zorg en welzijn verwaarlozen. Dat alles is het niet: presentiebeoefening zoekt met de grootst mogelijke discipline maar met hartstocht en geduld de geblutste en afgeschreven ander in zijn anders-zijn en zal niets in gang zetten dat niet diens zaak dient.